Stop met lachen, ga zeurenWaarom pessimisme heel optimistisch kan uitvallen. Barbara Held heeft het voortouw genomen in de strijd tegen ‘de tirannie van de positieve grondhouding’. Held, psychologe aan het Bowdoin College in Maine, hield in 1996 een lezing op een congres voor psychotherapeuten waarin zij beschreef hoe positief de invloed van negatief gedrag was geweest in haar eigen leven. Als mensen in de put zitten, wordt hun vaak aangeraden om zich tot een therapeut te wenden, lange boswandelingen te maken of een andere positieve wending aan hun dip te geven. Maar Held bekende in haar lezing dat niets haar zo goed had geholpen als klagen tegen vrienden. Zo kon zij haar hart luchten en kreeg er bemoedigende en troostende woorden voor terug. ‘Dat verzachtte de pijn’, zei ze. Nergens knapte ze zo van op als van eens lekker klagen. Er kwamen zoveel reacties op Helds lezing, dat ze een boek schreef over haar methode: Stop Smiling, Start Kvetching, ofwel: niet lachen, maar zeuren. ‘Als je je rot voelt, biedt creatief klagen een kans op contact met andere mensen, en daardoor voel je je minder alleen’, zegt Held. ‘Door te verwoorden wat er mis is, kun je je gedachten ordenen en jezelf weer op gang helpen. Door dat klagen ga je op een andere manier tegen je ellende aankijken.’ Een aantal psychologen is net als Held bezig met het ontwikkelen van een nieuwe visie op optimisme en pessimisme. Ze vinden pessimistische gedachten niet langer op voorhand schadelijk of ondermijnend, en ze hebben ontdekt dat een gezonde dosis pessimisme essentieel kan zijn om persoonlijke doelen te bereiken. Gezond pessimisme wordt ook wel ‘defensief pessimisme’ genoemd: een psychologisch uitgangspunt waarbij je aanvaardt dat -alles dramatisch mis kan lopen en je daarop voorbereid. Dit zou voor sommigen van ons wel eens de beste insteek kunnen zijn voor positieve resultaten. Daarbij komt dat de druk vanuit de populaire cultuur om alles altijd maar van de positieve kant te bekijken nog nooit zo groot is geweest; misschien maakt dat ons uiteindelijk minder gelukkig. Ietsje pessimistischer zijn, zo blijkt, kan juist heel optimistisch uitpakken. In Bright-sided beschrijft de Amerikaanse publiciste Barbara Ehrenreich de culturele druk om altijd — ja, altijd — maar positief te blijven. Bij Ehrenreich werd bijna tien jaar geleden borstkanker geconstateerd. Toen ze uiting gaf aan haar verontwaardiging en woede over haar situatie, adviseerden lotgenoten haar een therapeut te zoeken om zulke negatieve gevoelens uit te bannen. De meest extreme positieve denkers hielden haar voor dat ze haar ziekte beter kon zien als een ‘geschenk’ waar ze ‘dankbaar’ voor moest zijn — iets waar Ehrenreich weinig voor voelde. Van alle druk om positief te blijven, kreeg ze juist een steeds slechter humeur. Ehrenreich ontdekte dat Amerikanen misschien worden geprezen (en bespot) vanwege hun ‘positieve’ volksaard, maar niet erg hoog scoren op internationale geluksranglijsten. Toch is Ehrenreich geen sombermans. ‘Ik zou het fijn vinden als de mensen vrolijker keken, meer lachten, elkaar meer omhelsden. Ik zou graag wat meer geluk zien, of nog liever, meer blijdschap’, schrijft ze. ‘Nu kunnen we al die blijdschap wel wensen, maar daarmee zijn we er nog niet. We moeten onszelf schrap zetten, klaar zijn voor de strijd tegen verschrikkelijke beproevingen die we zelf veroorzaken, of die voortkomen uit onze natuurlijke omgeving. En allereerst moeten we herstellen van dat collectieve waanbeeld, dat positieve denken.’ Positief denken is niet hetzelfde als optimisme. De ‘positieve psychologie’-trend begon als een correctiepoging van wat werd beschouwd als een eenzijdige focus op het negatieve binnen de psychologie. Positieve psychologen maken geen studie van wat fout gaat in een mensenleven — verslaving, depressie, angst — maar van wat goed gaat, van de zaken die mensen gelukkig maken en emotioneel veerkrachtiger. Natuurlijk prijzen positieve psychologen optimisme. ‘Hoop en optimisme zijn hooggewaardeerde eigenschappen’, schrijven Chris Peterson en Martin Seligman, beiden hoogleraar psychologie, in Character Strengths and Virtues. ‘Wij bewonderen mensen die altijd de zonnige zijde zien, mensen wie geen zee te hoog gaat, mensen die hun rug altijd recht houden, hun blik nooit neerslaan, hun kop in de wind… Mensen die het resultaat al voor zich zien — zelfs als ze fout zitten. Maar ze zitten niet vaak fout, want hoop en optimisme kunnen zichzelf waarmaken.’ Positief denken kan zichzelf inderdaad waarmaken, en dat is natuurlijk een goede zaak. Problemen doen zich pas voor als hooggespannen verwachtingen onrealistisch worden; als eventuele nadelen worden genegeerd ten gunste van een eenzijdige focus op de voordelen. Dan is de weg naar de hel geplaveid met positief denken.
1
2
3
4
NEXT >>
|
|

