We wonen in een regenwoudOnze hersenen werken niet als een machine, maar als een ecosysteem. ‘Net als een ecosysteem heeft het brein een enorm vermogen zich te transformeren als reactie op verandering’, schrijft psycholoog Thomas Armstrong in dit nummer. Armstrong gelooft dat de verscheidenheid aan hersenen even verrijkend en essentieel is als de verscheidenheid aan planten en dieren. Hij beweert dat het nieuwe terrein van neurodiversiteit een kans biedt een einde te maken aan de trend om mensen die ‘anders’ zijn in een hokje te stoppen en te medicaliseren. Dyslexie is een goed voorbeeld. Armstrong erkent dat deze aandoening of welke andere ook haar eigen problemen met zich meebrengt. Maar hij wijst er ook op dat we allemaal wel iemand kennen die op school zat te worstelen, niet goed kon meekomen en zich een buitenbeentje voelde, en die later in haar leven zeer succesvol werd toen succes niet louter meer werd afgemeten aan lees- of schrijfvaardigheid. Boeken zijn simpelweg niet de manier waarop deze mensen hun intelligentie en creativiteit uiten. ‘De wetenschap dat we allemaal met elkaar zijn verbonden, net als ecosystemen,’ schrijft Armstrong, ‘betekent dat we veel toleranter moeten zijn voor mensen wier zenuwstelsel anders is georganiseerd dan het onze.’ Ons brein is als een regenwoud, ecosystemen met miljoenen soorten en karakteristieken die op een bepaalde manier nauw verweven zijn. Het is interessant te zien hoe de metafoor van ecosystemen steeds meer doordringt. Descartes’ mechanische beeld van het universum maakt plaats voor een betere metafoor. Zo’n vijftig jaar geleden introduceerde James Lovelock de Gaia-theorie. Hij beweerde destijds en toonde later aan dat de aarde een levend organisme is, een dynamisch systeem dat zichzelf reguleert. Tegenwoordig biedt klimaatverandering een somber stemmend bewijs dat wij, inderdaad, in een regenwoud wonen. Veertig jaar geleden suggereerde de Amerikanse meteoroloog Edward Lorenz dat, volgens de chaostheorie, een vlinder die zijn vleugels uitslaat minieme veranderingen in de atmosfeer teweegbrengt die uiteindelijk het pad van een tornado kunnen beïnvloeden. Met andere woorden: weerspatronen zijn met elkaar verbonden. We wonen in een regenwoud. Dezelfde ontwikkeling zien we op het gebied van gezondheid. Decennialang behandelden we onze klachten alsof ons lichaam een machine was: repareer of vervang een krakend onderdeel dat niet langer functioneert. En hoewel antibiotica natuurlijk een fantastische ontdekking zijn, omdat ze ons kunnen beschermen tegen gevaarlijke bacteriën, hebben ze ook hun beperkingen; als je ze te vaak gebruikt, kunnen ze de gezonde balans van organismen in ons lichaam ernstig aantasten. Ons lichaam is ook een regenwoud. De machine-benadering werkt zelfs niet langer voor oorlogsvoering. Immense legers met een gigantisch wapenarsenaal boeken maar weinig succes in de strijd tegen terroristen. En pogingen om met bruut geweld de vijand uit een dorp te verjagen, plant het zaadje voor het protest in een opgroeiende generatie. We wonen in een regenwoud. De val van een enkele bank, Lehman Brothers, zette de ergste internationale economische crisis van de afgelopen honderd jaar in gang. Niemand bleef bespaard. En als een klein land zoals Griekenland wellicht zijn schulden niet langer kan afbetalen, kan die situatie eveneens een nieuwe wereldwijde financiële terugval veroorzaken. Ook economisch gezien wonen we in een regenwoud. Er is geen ontsnappen aan. Waar we ook zijn, wat we ook doen: we zijn met elkaar verbonden. Als je de krantenkoppen leest of het journaal bekijkt, lijkt het alsof politici en zakenleiders die nieuwe werkelijkheid proberen te ontkennen. Misschien duurt het nog een generatie voordat het tijdperk van samenwerking helemaal wordt omarmd. Intussen wonen we in een regenwoud en dat is goed nieuws.
|
|


