Over de muurOde aan www.sendamessage.nl Volgens de Israëlische overheid is de afscheidingsmuur met de Palestijnse gebieden een beschermingsmaatregel. Critici wijzen intussen op de pijnlijke gevolgen. Palestijnen kunnen niet meer, of alleen met grote vertraging, naar hun familie, hun werk, hun eigen landbouwgrond of het ziekenhuis. In de woorden van Justus van Oel: ‘Ze kunnen niet naar hun toekomst toe.’ De Amsterdamse scenarioschrijver spreekt van ‘de ontmenselijking van de Palestijnen’. Hij beweert: ‘Ze willen de Palestijnen onzichtbaar maken.’ Jaren geleden zat Van Oel met andere creatieve ondernemers en jonge Palestijnen bijeen toen het idee ontstond om de internationale gemeenschap teksten op de Israëlische muur te laten schrijven. Van Oel wilde het niet laten bij een idee en richtte www.sendamessage.nl op, een website waarop je voor dertig euro een tekst kunt doorgeven die door Palestijnse kunstenaars op de muur wordt gekalkt, waarna je een aantal foto’s ervan in je e-mail ontvangt. In twee jaar tijd zijn er meer dan dertienhonderd teksten doorgegeven, variërend van huwelijksaanzoeken tot politieke leuzen. Beledigende teksten komen er niet op, maar Van Oel benadrukt: ‘Als er in al die tijd tien gekken tussen zaten, is het veel.’ Afgelopen voorjaar is er ook een open brief van de Zuid-Afrikaanse mensenrechtenactivist Farid Esack op de muur geplaatst. Die werd tweeënhalve kilometer lang. Esack heeft de apartheid meegemaakt en is volgens Van Oel iemand die zoekt naar verzoening: een zeldzaamheid als het gaat over het Midden-Oosten, meent hij. ‘Het is een prachtig document, dat mooi tegenwicht biedt tegen al die jolijt op de muur. Want ja, het moet nog wel ergens over gaan.’ De opbrengst gaat naar Palestijnse organisaties die sociale, culturele en educatieve projecten opzetten, waaronder een sportveldje en een wasserette voor studenten. Voor Van Oel is dat een leuke bijkomstigheid. Zijn doel: ‘Die muur moet in de krant. We moeten ’m zien. Als die muur is bedoeld om de Palestijnen te vergeten, moeten wij ervoor zorgen dat wij de muur nooit mogen vergeten.’ Dat is ook wat een Palestijnse taxichauffeur hem zou hebben verteld toen Van Oel eens vroeg wat hij nou van die muur vond: ze zijn ons nog niet vergeten. ‘Nou, de tranen sprongen in m’n ogen.’ De boodschappen zijn verspreid over zeven kilometer muur: Dat betekent dat er nog altijd meer dan zeshonderd kilometer over is... Van Oel weet niet of dat nu juist hoopgevend is of triest. ‘Dit is simpelweg een strijd van het totale absurdisme tegen de wrede wereld.’
|
|


